Beademde patiënt repatriëren
Deze pagina behandelt specifiek beademde patiënt repatriëren. De informatie helpt bij de voorbereiding van een individueel transportdossier en vervangt geen beoordeling of behandeling door de verantwoordelijke arts.
Stabiele luchtweg vóór vertrek
Bij beademde patiënt repatriëren wordt stabiele luchtweg vóór vertrek als zelfstandig beslispunt onderzocht. Het vertrekteam vraagt wie dit bevestigt, hoe actueel de informatie is en welke praktische of medische actie nog nodig blijft.
De uitkomst over stabiele luchtweg vóór vertrek wordt met bron en tijdstip vastgelegd. Wanneer de toestand, route of wachttijd verandert, volgt een nieuwe beoordeling in plaats van automatisch vasthouden aan de eerdere planning.
Voor dit onderdeel is duidelijk wie tijdens vervoer verantwoordelijk blijft en wie de informatie in België ontvangt. De patiënt vertrekt pas wanneer de volgende veilige zorgschakel werkelijk beschikbaar is.
Sedatie pompen en actuele medicatie
Bij beademde patiënt repatriëren wordt sedatie pompen en actuele medicatie als zelfstandig beslispunt onderzocht. Het vertrekteam vraagt wie dit bevestigt, hoe actueel de informatie is en welke praktische of medische actie nog nodig blijft.
De uitkomst over sedatie pompen en actuele medicatie wordt met bron en tijdstip vastgelegd. Wanneer de toestand, route of wachttijd verandert, volgt een nieuwe beoordeling in plaats van automatisch vasthouden aan de eerdere planning.
Voor dit onderdeel is duidelijk wie tijdens vervoer verantwoordelijk blijft en wie de informatie in België ontvangt. De patiënt vertrekt pas wanneer de volgende veilige zorgschakel werkelijk beschikbaar is.
Ventilatoralarm en handmatig noodalternatief
Bij beademde patiënt repatriëren wordt ventilatoralarm en handmatig noodalternatief als zelfstandig beslispunt onderzocht. Het vertrekteam vraagt wie dit bevestigt, hoe actueel de informatie is en welke praktische of medische actie nog nodig blijft.
De uitkomst over ventilatoralarm en handmatig noodalternatief wordt met bron en tijdstip vastgelegd. Wanneer de toestand, route of wachttijd verandert, volgt een nieuwe beoordeling in plaats van automatisch vasthouden aan de eerdere planning.
Voor dit onderdeel is duidelijk wie tijdens vervoer verantwoordelijk blijft en wie de informatie in België ontvangt. De patiënt vertrekt pas wanneer de volgende veilige zorgschakel werkelijk beschikbaar is.
Voldoende zuurstof voor vertraging
Bij beademde patiënt repatriëren wordt voldoende zuurstof voor vertraging als zelfstandig beslispunt onderzocht. Het vertrekteam vraagt wie dit bevestigt, hoe actueel de informatie is en welke praktische of medische actie nog nodig blijft.
De uitkomst over voldoende zuurstof voor vertraging wordt met bron en tijdstip vastgelegd. Wanneer de toestand, route of wachttijd verandert, volgt een nieuwe beoordeling in plaats van automatisch vasthouden aan de eerdere planning.
Voor dit onderdeel is duidelijk wie tijdens vervoer verantwoordelijk blijft en wie de informatie in België ontvangt. De patiënt vertrekt pas wanneer de volgende veilige zorgschakel werkelijk beschikbaar is.
Continue capnografie en monitoring waar vereist
Bij beademde patiënt repatriëren wordt continue capnografie en monitoring waar vereist als zelfstandig beslispunt onderzocht. Het vertrekteam vraagt wie dit bevestigt, hoe actueel de informatie is en welke praktische of medische actie nog nodig blijft.
De uitkomst over continue capnografie en monitoring waar vereist wordt met bron en tijdstip vastgelegd. Wanneer de toestand, route of wachttijd verandert, volgt een nieuwe beoordeling in plaats van automatisch vasthouden aan de eerdere planning.
Voor dit onderdeel is duidelijk wie tijdens vervoer verantwoordelijk blijft en wie de informatie in België ontvangt. De patiënt vertrekt pas wanneer de volgende veilige zorgschakel werkelijk beschikbaar is.
Rechtstreekse overdracht aan intensieve zorg
Bij beademde patiënt repatriëren wordt rechtstreekse overdracht aan intensieve zorg als zelfstandig beslispunt onderzocht. Het vertrekteam vraagt wie dit bevestigt, hoe actueel de informatie is en welke praktische of medische actie nog nodig blijft.
De uitkomst over rechtstreekse overdracht aan intensieve zorg wordt met bron en tijdstip vastgelegd. Wanneer de toestand, route of wachttijd verandert, volgt een nieuwe beoordeling in plaats van automatisch vasthouden aan de eerdere planning.
Voor dit onderdeel is duidelijk wie tijdens vervoer verantwoordelijk blijft en wie de informatie in België ontvangt. De patiënt vertrekt pas wanneer de volgende veilige zorgschakel werkelijk beschikbaar is.
Zes afzonderlijke praktijkcontroles
Praktijkcontrole 1: stabiele luchtweg vóór vertrek
Stabiele luchtweg vóór vertrek krijgt in dit dossier een eigen verantwoordelijke en controle-uur. De informatie wordt rechtstreeks bij de bevoegde bron geverifieerd voordat personeel of vervoer definitief wordt ingezet.
Wanneer stabiele luchtweg vóór vertrek tijdens de route wijzigt, wordt het bijbehorende besluit opnieuw genomen. De begeleider noteert de verandering, de gekozen reactie en de persoon die in België op de hoogte is gebracht.
Voor stabiele luchtweg vóór vertrek bestaat daarnaast een alternatief wanneer de eerste planning niet uitvoerbaar blijkt. Hierdoor hoeft de patiënt niet onveilig door te reizen om uitsluitend een eerder tijdschema te behouden.
Praktijkcontrole 2: sedatie pompen en actuele medicatie
Sedatie pompen en actuele medicatie krijgt in dit dossier een eigen verantwoordelijke en controle-uur. De informatie wordt rechtstreeks bij de bevoegde bron geverifieerd voordat personeel of vervoer definitief wordt ingezet.
Wanneer sedatie pompen en actuele medicatie tijdens de route wijzigt, wordt het bijbehorende besluit opnieuw genomen. De begeleider noteert de verandering, de gekozen reactie en de persoon die in België op de hoogte is gebracht.
Voor sedatie pompen en actuele medicatie bestaat daarnaast een alternatief wanneer de eerste planning niet uitvoerbaar blijkt. Hierdoor hoeft de patiënt niet onveilig door te reizen om uitsluitend een eerder tijdschema te behouden.
Praktijkcontrole 3: ventilatoralarm en handmatig noodalternatief
Ventilatoralarm en handmatig noodalternatief krijgt in dit dossier een eigen verantwoordelijke en controle-uur. De informatie wordt rechtstreeks bij de bevoegde bron geverifieerd voordat personeel of vervoer definitief wordt ingezet.
Wanneer ventilatoralarm en handmatig noodalternatief tijdens de route wijzigt, wordt het bijbehorende besluit opnieuw genomen. De begeleider noteert de verandering, de gekozen reactie en de persoon die in België op de hoogte is gebracht.
Voor ventilatoralarm en handmatig noodalternatief bestaat daarnaast een alternatief wanneer de eerste planning niet uitvoerbaar blijkt. Hierdoor hoeft de patiënt niet onveilig door te reizen om uitsluitend een eerder tijdschema te behouden.
Praktijkcontrole 4: voldoende zuurstof voor vertraging
Voldoende zuurstof voor vertraging krijgt in dit dossier een eigen verantwoordelijke en controle-uur. De informatie wordt rechtstreeks bij de bevoegde bron geverifieerd voordat personeel of vervoer definitief wordt ingezet.
Wanneer voldoende zuurstof voor vertraging tijdens de route wijzigt, wordt het bijbehorende besluit opnieuw genomen. De begeleider noteert de verandering, de gekozen reactie en de persoon die in België op de hoogte is gebracht.
Voor voldoende zuurstof voor vertraging bestaat daarnaast een alternatief wanneer de eerste planning niet uitvoerbaar blijkt. Hierdoor hoeft de patiënt niet onveilig door te reizen om uitsluitend een eerder tijdschema te behouden.
Praktijkcontrole 5: continue capnografie en monitoring waar vereist
Continue capnografie en monitoring waar vereist krijgt in dit dossier een eigen verantwoordelijke en controle-uur. De informatie wordt rechtstreeks bij de bevoegde bron geverifieerd voordat personeel of vervoer definitief wordt ingezet.
Wanneer continue capnografie en monitoring waar vereist tijdens de route wijzigt, wordt het bijbehorende besluit opnieuw genomen. De begeleider noteert de verandering, de gekozen reactie en de persoon die in België op de hoogte is gebracht.
Voor continue capnografie en monitoring waar vereist bestaat daarnaast een alternatief wanneer de eerste planning niet uitvoerbaar blijkt. Hierdoor hoeft de patiënt niet onveilig door te reizen om uitsluitend een eerder tijdschema te behouden.
Praktijkcontrole 6: rechtstreekse overdracht aan intensieve zorg
Rechtstreekse overdracht aan intensieve zorg krijgt in dit dossier een eigen verantwoordelijke en controle-uur. De informatie wordt rechtstreeks bij de bevoegde bron geverifieerd voordat personeel of vervoer definitief wordt ingezet.
Wanneer rechtstreekse overdracht aan intensieve zorg tijdens de route wijzigt, wordt het bijbehorende besluit opnieuw genomen. De begeleider noteert de verandering, de gekozen reactie en de persoon die in België op de hoogte is gebracht.
Voor rechtstreekse overdracht aan intensieve zorg bestaat daarnaast een alternatief wanneer de eerste planning niet uitvoerbaar blijkt. Hierdoor hoeft de patiënt niet onveilig door te reizen om uitsluitend een eerder tijdschema te behouden.